De Monitor: Boer en beleid

Een kwart van de boeren met zeldzame runderrassen heeft al koeien weggedaan als gevolg van de nieuwe meststoffenwet die dit jaar is ingevoerd. Bijna de helft van de boeren vreest koeien kwijt te raken als er niks verandert. Dat blijkt uit een enquête van het tv-programma De Monitor (KRO-NCRV) onder 143 boeren met zeldzame Nederlandse oerkoeien, zoals de Groninger Blaarkop en de Lakenvelder. Twaalf procent geeft aan dat zelfs álle koeien weg moeten, als er niks verandert.
 
Sinds dit jaar is de nieuwe meststoffenwet van kracht en bepaalt de overheid hoeveel koeien een boer mag hebben: veel boeren moeten koeien afstaan. Het doel is om de veestapel te laten krimpen om zo onder het zogenoemde fosfaatplafond te blijven. De ongeveer 300 boeren met zeldzame runderrassen vinden dat er voor hen een uitzondering zou moeten worden gemaakt, omdat deze rassen in hun voortbestaan worden bedreigd. Vijf van de zes zeldzame rassen hebben de status ‘bedreigd.’ Als de populatie nog kleiner wordt, dreigt uitsterving.
 
Minister Schouten (CU, Landbouw) laat weten dat ze werkt aan een oplossing voor de zeldzame runderrassen. Voor een kwart van de boeren komt de oplossing dus te laat: er zijn al koeien verkocht of geslacht. Voor nog eens een derde deel geldt dat er voor het einde van het jaar een oplossing moet zijn, om te voorkomen dat er koeien weg moeten.
 
Minder koeien, minder mest, minder fosfaat
Sinds de Europese Commissie het melkquotum afschafte in april 2015, groeide de melkveehouderij explosief. Maar meer koeien en meer melk betekent ook meer mest en dus meer vervuiling. In 2017 werd daarom het fosfaatreductieplan ingesteld om de veestapel te laten inkrimpen, waarbij er een uitzondering werd gemaakt voor de zeldzame runderrassen.
 
Dit fosfaatreductieplan werd op 1 januari 2018 opgevolgd door de nieuwe meststoffenwet: de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) berekent op basis van het aantal koeien dat een boer op 2 juli 2015 had, hoeveel fosfaatrechten die boer krijgt en dus hoeveel koeien hij mag hebben. De koeien die teveel zijn moeten weg of worden geslacht of er moet een geldbedrag per koe worden betaald: je koopt dan een fosfaatrecht. Doe je dat niet, dan krijg je een boete.
 
Het ministerie maakt in dit nieuwe systeem echter geen onderscheid meer tussen een zeldzaam runderras of een koe van het Holstein-Friesian-ras waar er ruim 1,4 miljoen van zijn in Nederland. Ook boeren met zeldzame runderrassen moeten koeien wegdoen als ze er ‘te veel’ hebben.
 
Biodiversiteit en voedselzekerheid
Volgens Stichting Zeldzame Huisdierrassen (SZH) is dit oneerlijk, omdat er al zo weinig koeien van zeldzame rassen zijn. ‘Het behoud van onze oorspronkelijke rassen is essentieel omdat ieder ras unieke kwaliteiten bezit die van belang zijn voor onze voedselzekerheid en onze biodiversiteit. Voor gezonde, vitale populaties die niet bedreigd worden door inteelt of uitsterven zijn voldoende aantallen koeien voor een adequaat fokprogramma nodig,’ aldus SZH.
 
De Monitor: Boer en beleid, dinsdag 20 maart om 21.25 uur bij NPO 2.