´Nederland onveiliger door groot aantal korte gevangenisstraffen`

Het relatief groot aantal kortgestraften in Nederland heeft een negatief effect op de veiligheid in de samenleving. De kans dat zij opnieuw in de fout gaan is groter dan wanneer zij een alternatieve straf zoals bijvoorbeeld een taakstraf opgelegd zouden krijgen. Dat stellen deskundigen tegenover tv-programma De Monitor (KRO-NCRV).
 
Te kort
Over de afgelopen 10 jaar is er een flinke toename te zien in het aantal korte gevangenisstraffen. Zat een decennium geleden nog 57 procent van de gedetineerden korter dan 3 maanden, inmiddels is dat opgelopen tot 74 procent in 2017. Volgens hoogleraar reclassering Peter van der Laan is het vrijwel onmogelijk om hen in deze korte periode goed voor te bereiden op een terugkeer in de samenleving. ‘Die hele korte periode in detentie is niets meer dan zitten, waarvan een groot deel van de dag achter de deur. Dat kan weinig effect hebben op iemands denken, doen etcetera.’
 
Al in 2016 haalde de Raad voor Strafrechttoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) hard uit over het grote aantal korte vrijheidsstraffen in Nederland: ‘Het verlies van een baan, inkomen, huisvesting en het stigma van verblijf in een justitiële inrichting levert detentieschade op voor de ingeslotene en diens omgeving en brengt schade voor de samenleving met zich mee als gevolg van het grotere recidiverisico.’
 
Geen nazorg
Zo’n 47 procent van de ex-gedetineerden gaat binnen 2 jaar opnieuw in de fout. Om dat te voorkomen wordt al tijdens detentie gestart met nazorg, bedoeld om hen voor te bereiden op een succesvolle terugkeer in de maatschappij. Eén van de basisvoorwaarden waaraan gewerkt wordt is werk, omdat dit vooral effectief blijkt om recidive te voorkomen. Maar die nazorg bereikt minder dan de helft van de ex-gedetineerden, zo stelde de Raad voor de Strafrechttoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) in een advies in 2017. Vooral kortgestraften zouden deze nazorg ontberen omdat de tijd te kort is om hen goed te begeleiden. 'Terwijl,' zo benadrukt de RSJ, ‘de kans op recidive (is) bij deze groep zeker niet kleiner.’
 
Contraproductief
Hoewel we onder meer straffen om de samenleving veiliger te maken is het effect van korte vrijheidsstraffen volgens Van der Laan vaak het tegenovergestelde. Niet alleen krijgen ze geen nazorg, hun positie op de arbeidsmarkt verslechtert juist door de gevangenisstraf. ‘We zien dat mensen hun baan verliezen en we zien ook dat de kans om die baan weer terug te krijgen na detentie afneemt.’
 
Uit onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum van het ministerie van Justitie en Veiligheid (WODC) blijkt dat meer dan een derde van de gedetineerden die voor hun straf nog een baan had of opleiding volgde, deze na detentie kwijt is. Mensen die geen baan of opleiding (meer) hebben na detentie, zo schrijft het WODC, ‘recidiveren significant meer dan de groep nazorgkandidaten die zowel voor als na detentie werk had of een opleiding volgde.’
 
Alternatieven
Volgens van der Laan zouden daarom alternatieve straffen moeten worden opgelegd, die bovendien een stuk goedkoper zijn dan de relatief dure celstraffen. ‘Kan dat niet op een manier waardoor er wat meer kansen zijn voor mensen? Denk aan geldboetes, voorwaardelijke straffen, geldstraffen.’ Verantwoordelijk minister Dekker van Rechtsbescherming heeft geen concrete plannen om iets te doen aan het hoge aantal korte gevangenisstraffen. Hij hoopt hen vooral met een nieuw plan voor betere begeleiding op het rechte pad te houden. ‘Bij binnenkomst in detentie wordt een gedetineerde zo snel en volledig mogelijk gescreend. (…) Maatwerk staat hierbij centraal. Ook gedetineerden die maar kort in detentie zitten komen hiervoor in aanmerking.’
 
De Monitor, vanavond om 22:40 uur bij KRO-NCRV op NPO 2.